Wat je nu instelt, scheelt een winter lang
Het laagseizoen is waar het sluipverbruik zit: lege accommodaties die blijven verwarmen, sanitair op zomerstand, leidingen die blijven circuleren.
Het laagseizoen is duurder dan je denkt
Een leeg terrein verbruikt niets, zou je zeggen. In de praktijk loopt er van alles door.
Accommodaties die blijven verwarmen
Leeg, maar op 18 graden. Over vijftig woningen is dat een rekening die niemand verwacht.
Leidingen die blijven circuleren
Warmwatercirculatie draait door voor tappunten die maanden niet gebruikt worden.
Sanitair op zomerstand
Verwarming, handdrogers en ventilatie op de stand van augustus, in januari.
Wat er verandert als het seizoen omslaat
Als de klok teruggaat, verandert er meer dan een uur. De horeca gaat op een ander schema of sluit, accommodaties komen leeg te staan, en de verwarming draait door op de instelling van augustus.
Dat laatste is de duurste. Een thermostaat die niemand heeft verzet, verwarmt een heel seizoen lang een gebouw waar niemand komt.
En een leeg gebouw is kwetsbaar. Een leiding die bevriest, merk je pas bij de opening — en dan is het schade in plaats van een melding.

Wat je nu instelt, scheelt een winter lang
De meeste winterwinst zit in instellingen, niet in investeringen.
Zien wat er nog draait
Per gebouw en per groep: wat verbruikt er terwijl er niemand is?
Uitschakelen wat leeg staat
Plaatsen en gebouwen die dicht zijn, kun je op afstand eraf halen.
Vorstbewaking die meekijkt
Temperatuur per ruimte, met een melding voordat het te koud wordt.
Een winter om mee te vergelijken
Volgend jaar weet je of het werkte, omdat je dit jaar gemeten hebt.
Wat je met sensoren opvangt
Een temperatuurvoeler in een gesloten gebouw laat zien of het daar warm genoeg blijft tegen vocht en vorst. Zakt het weg, dan krijg je bericht in plaats van een verrassing.
Op de watermeter zie je doorlopend verbruik. Een leiding die springt terwijl het terrein dicht is, geeft precies dat beeld: verbruik dat blijft lopen terwijl er niemand tapt.
Voor kelders en technische ruimtes zijn er lekkagesensoren die melden zodra er water staat. Een najaarsbui komt dan binnen als een melding en niet als een ondergelopen ruimte.

De winter is waar je gas heen gaat
Ongeveer zeventig procent van het gas gaat naar het verwarmen van ruimtes. In de winter is het verbruik het hoogst, terwijl de bezetting juist het laagst is.
Dat gat zit in accommodaties die leegstaan en toch warm blijven, en in thermostaten die na de tijdswisseling niet zijn bijgesteld. Per gebouw meten maakt het zichtbaar.
Wie winterboekingen naast elkaar plant in plaats van verspreid over het park, houdt dezelfde bezetting met minder eenheden die gestookt moeten worden.

Een middag werk, een winter lang rust
Een voeler in een gesloten gebouw en een watermeter die meekijkt, zijn in één middag geplaatst.